Interprofessioneel samenwerken in de gezondheidszorg

15/03/18 om 01:00 - Bijgewerkt om 08:36

Vorige week organiseerde de Universiteit Antwerpen samen met een aantal hogescholen voor de veertiende keer de module Interprofessioneel samenwerken in de gezondheidszorg (IPSIG). Een unieke manier om teamwork en samenwerking over de beroepsgrenzen heen te stimuleren.

Interprofessioneel samenwerken in de gezondheidszorg

© Syda Productions

Bij de IPSIG-module zijn naast de UAntwerpen ook de Artesis Plantijn Hogeschool, de Karel de Grote Hogeschool, de Thomas More Hogeschool en de Hogeschool Zeeland betrokken. Zowat 1.100 studenten -die een opleiding arts, verpleegkundige, vroedvrouw, kiné, apotheker enz. volgen- nemen eraan deel.

Complexer

"Interprofessioneel samenwerken", aldus professor Paul Van Royen, decaan van de faculteit geneeskunde en gezondheidswetenschappen van UAntwerpen, "wint aan belang. De problematiek van de patiënten wordt complexer waardoor meerdere zorgbeoefenaars erbij betrokken zijn. Verschillende beroepsgroepen hebben vaak uiteenlopende inzichten en belangen, onder meer bij ethische vragen. Dat noodzaakt gezamenlijk overleg over te nemen beslissingen."

Teamwork is essentieel. Onder begeleiding van circa honderd tutoren leren de studenten een week lang over de beroepsgrenzen heen samen te werken. Het project streeft naar samenwerking waarbij de patiënt centraal staat en waarbij de zorgcontinuïteit en -kwaliteit geoptimaliseerd wordt."

Andere invalshoeken

Volgens Van Royen is de IPSIG-module uniek. Ze bestaat uit hoorcolleges, zelfstudie, groepswerk, reflectie en feedback. Het merendeel van de activiteiten heeft plaats in kleine groepjes en met concrete casussen. Die casussen brengen studenten vanuit hun eigen stageterrein mee. Als lid van een interprofessioneel team leren de studenten op die manier efficiënt te overleggen. Ze ontdekken ook invalshoeken vanuit de andere beroepen.